Bliksemkomst en wolkenkomst

wederkomst Jezus Christus

Twee wederkomsten

Nauwkeurige bestudering van Jezus’ woorden – zoals weergegeven door Mattheüs in het 24ste hoofdstuk van het door hem geschreven Evangelie – zal ons tot het inzicht voeren dat wij twee wederkomsten van Jezus te verachten hebben. Of, anders gezegd – wanneer wij vast willen houden aan één wederkomst, omdat de Schrift zelf over dit gebeuren doorgaans in het enkelvoud spreekt – dat wij te verwachten hebben dat die ene wederkomst van Christus zich voltrekken zal in twéé fasen.
Zoals met name het boek Openbaring ons te verstaan geeft zal de openbaring of wederkomst van Jezus – en met “de Openbaring van Jezus” wordt bedoeld: de wederkomst van Jezus – niet één enkele gebeurtenis zijn, maar een hele reeks van gebeurtenissen. [1] En in deze reeks van eindtijdgebeurtenissen zal er tot twee-maal toe sprake zijn van een komen van Jezus.
Om ons bij Mattheüs 24 te bepalen, in vers 27 van dit hoofdstuk zegt Jezus dat Zijn komst of parousia [2] zal zijn “zoals de bliksem”, terwijl Hij even verderop (in vers 30) duidelijk maakt dat Hij zal komen “op de wolken van de hemel”:
“Want zoals de bliksem vanuit het oosten komt en zichtbaar is tot in het westen, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn.” (Mattheüs 24:27) [3]
“En dan zal aan de hemel het teken van de Zoon des mensen verschijnen; en dan zullen al de stammen (SV: geslachten) van de aarde rouw bedrijven en zij zullen de Zoon des mensen zien, als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid.” (Mattheüs 24:30)
Het is onmogelijk dat de Heer hier twee beschrijvingen van één en dezelfde gebeurtenis heeft gegeven, want het ene drukt vrijwel het tegenovergestelde uit van het andere. Het komen “als een bliksem” wil zeggen dat men Hem maar heel even zal zien (“in een flits”) of dat men Hem helemaal niet zal zien, doch alleen maar iets zal zien “oplichten”, zonder dat men goed en wel beseft wat er gebeurt.
Daartegenover staat dat het komen “op de wolken” een groot openbaar gebeuren bedoelt aan te geven, waar alle geslachten der aarde getuige van zullen zijn. “Komen op de wolken” betekent volgens Openbaring 1 vers 7, “…elk oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken (= verworpen) hebben…”.
Trouwens, uit het verband van Mattheüs 24 kunnen wij al opmaken dat de “bliksemkomst” vóór de Grote Verdrukking plaats moet hebben en de “wolkenkomst” deze Verdrukking (zie vers 29), zodat het hierbij onmogelijk om één en dezelfde gebeurtenis kan gaan:
“En meteen na de verdrukking (de grote verdrukking, zie vers 21) van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal zijn schijnsel niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de krachten van de hemelen zullen heftig bewogen worden.” (Mattheüs 24:29)
De “bliksemkomst” zal in feite een verborgen komst zijn, want een bliksem ziet men slechts voor een fractie van een ogenblik en wordt niet door allen opgemerkt. De “komst op de wolken” zal een gebeuren zijn dat de gehele wereld bewust mee zal maken en dat zal niet alleen maar voor een ogenblik zijn.

Een dag en een nacht

Van de komst van Jezus zoals een bliksem lezen wij ook in Lukas 17 vers 24:
“Want zoals de bliksem flitst van de ene plaats onder de hemel en naar de andere plaats onder de hemel licht, zo zal ook de Zoon des mensen zijn op Zijn dag.”
Het betreft hier kennelijk een andere gelegenheid waarbij Jezus over Zijn wederkomst sprak (de zo genaamde “profetische rede” komen wij bij Lukas in hoofdstuk 21 tegen [4]) en Hij sprak toen alleen maar over Zijn verborgen komst.
Jezus doelt in Lukas 17:30 op deze zelfde komst, want in de verzen 25 t/m 29 weidt Hij uit over hetgeen aan Zijn wederkomst vooraf moet gaan, om dan in vers 30 de draad van vers 24 weer op te nemen:
“Evenzo zal het zijn op de dag waarop de Zoon des mensen geopenbaard zal worden.” (Lukas 17:30)
“Eerst moet Hij echter veel lijden en verworpen worden door dit mensengeslacht. En zoals het gebeurde in de dagen van Noach, zo zal het ook zijn in de dagen van de Zoon des mensen. Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk en zij werden ten huwelijk gegeven tot op de dag waarop Noach de ark binnenging en de zondvloed kwam en hen allen om deed komen. Op dezelfde manier ook, zoals het gebeurde in de dagen van Lot: zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden. Op de dag echter waarop Lot uit Sodom wegging, regende het vuur en zwavel uit de hemel en bracht hen allen om.” (Lukas 17:25-29)
Jezus heeft het dan, in vers 30, over “de dag waarop de Zoon des mensen geopenbaard zal worden”.
Denk nu niet dat het hier de zichtbare of openbare wederkomst betreft omdat wij hier lezen “geopenbaard”, want of Jezus nu zichtbaar wederkomt of in het verborgen, in beide gevallen openbaart Hij Zich!
Nader onderzoek van Lukas 17 (de verzen 20-37) brengt ons vervolgens tot de ontdekking dat er met betrekking tot de “bliksemkomst” ofwel “de komst van Jezus in het verborgen” achtereenvolgens sprake is van een “dag” en een “nacht”.
De “dag” van de verborgen wederkomst komen wij tegen in vers 31 en van de erop volgende “nacht” lezen wij in vers 34:
“Wie op die dag op het dak zal zijn, met zijn huisraad in huis, moet niet naar beneden gaan om het mee te nemen. En wie op de akker is, moet evenmin terugkeren naar wat hij achterliet.” (Lukas 17:31)
“Ik zeg u: In die nacht zullen er twee op één bed zijn. De één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden.” (Lukas 17:34)
Het is niet moeilijk om in te zien dat op die dag de tijd van de Bruiloft van het Lam [5] moet zijn. Wanneer Jezus in het verborgen wederkomt, komt Hij als Bruidegom, om Zijn Bruid, de Bruidsgemeente, tot Zich te nemen. Hij openbaart Zich dan als Bruidegom aan Zijn Bruidsgemeente. Het huwelijk tussen Jezus en de Bruidsgemeente zal een gebeuren in het verborgen zijn. Een gebeuren dat door de wereld nauwelijks opgemerkt zal worden; hoogstens zal men een “flits” (een bliksemflits, maar dan een figuurlijke) waargenomen hebben, maar de wereld zal niet beseffen wat er gaande zal zijn.
De vermaning van vers 31 is dan ook alleen bestemd voor de kinderen Gods! Waar men op die dag ook zal zijn en waarmee men ook bezig zal zijn, als de Bruidegom komt zal men alles moeten verlaten en zich moeten spoeden naar het feest van de Bruiloft van het Lam. Wie op het dak zal zijn moet niets meer geven om zijn huisraad, maar zich spoeden naar de Bruiloft en zo moet ook degene die op de akker bezig zal zijn doen.
Helaas zullen er vele kinderen Gods zijn die alsdan grote moeite zullen hebben met het loslaten van al hun aardse bezit. Zij zullen aarzelen en treuzelen en daarom te laat komen voor de Bruiloft.
In Mattheüs 25:1-13 worden zij “dwaze maagden” [6] genoemd.
Al die gelovigen die de wereld nog liefhebben en zo vastzitten aan al het aardse, zullen de Bruiloft van het Lam missen, niet behoren tot de Bruidsgemeente en daarom de Grote Verdrukking in moeten gaan.
“Denk aan de vrouw van Lot! waarschuwt Jezus (in Lukas 17:32) in verband met dit verlaten van alles wat men heeft in deze tot ondergang gedoemde wereld.
Na de “dag” van de “Bruiloft van het Lam” zal vervolgens een “nacht” volgen, een zeer donkere tijd, in het bijzonder voor de kinderen Gods.
In “die nacht”, dus korte tijd na de Bruiloft van het Lam, zal geschieden wat de verzen 34 t/m 37 beschrijven:
“Ik zeg u: In die nacht zullen er twee op één bed zijn. De één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Twee vrouwen zullen samen malen. De één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Twee zullen er op de akker zijn. De één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. En zij antwoordden en zeiden tegen Hem: Waar, Heere? En Hij zei tegen hen: Waar het lichaam is, daar zullen de gieren zich verzamelen (SV: de arenden [7] vergaderd worden).” (Lukas 17:34-37)
De Bruidsgemeente zal weggenomen [8] worden en gedurende de tijd van de Grote Verdrukking bewaard worden in de woestijn:
“En de vrouw [9] vluchtte naar de woestijn, waar zij een plaats had, die door God voor haar gereedgemaakt was, opdat men haar daar zou voeden 1260 dagen.”“En aan de vrouw werden twee vleugels van een grote arend gegeven, opdat zij naar de woestijn zou vliegen, naar haar plaats, waar zij gevoed wordt, een tijd en tijden en een halve tijd, buiten het gezicht van de slang.” (Openbaring 12:6 en 14 [10])
De gelovigen van de “dwaze maagden-gemeente” zullen achterblijven en – omwille van het geloof in Jezus – in de Grote Verdrukking als martelaren moeten sterven.
De “arend-heiligen” van vers 37 – beeld van de Bruidsgemeente – zullen rondom “het dode lichaam” (zie Mattheüs 24:28), een zinnebeeldige verwijzing naar het Heilig Avondmaal, in “de woestijn” vergaderd worden: “Want waar het dode lichaam is, daar zullen de gieren (SV: arenden) zich verzamelen.” (Matth. 24:28)
Over de bijzondere wijze waarop zij daar gevoed zullen worden gedurende de 3½ jaar die de Grote Verdrukking duurt, lezen wij ook in Openbaring 12:6 en 14 (hier vlak boven al vermeld).
De Bruidsgemeente zal “totdat Hij komt” het Heilig Avondmaal vieren: “Want zo dikwijls als u dit brood eet en deze drinkbeker drinkt, verkondig de dood van de Heere, totdat Hij komt.” (1 Korinthe 11:26)
Die wonderlijke 3½ jaar durende bijeenkomst in de woestijn zal één grote Heilige Avondmaalviering zijn. En aan het eind van die 3½ jaar zal Jezus, maar nu voor ieder zichtbaarop de wolken des hemels wederkomen.

  • KLIK HIER als u deze GRATIS studie verder wilt lezen of downloaden
    (in smartphone-formaat).

H. Siliakus
Digitaal uitgewerkt door A. Klein

**********************************************************************************

[1] Zie eventueel onze studie Opeenvolgende PROFETISCHE gebeurtenissen (Gebeurtenissen, voorafgaand aan het EINDE van de huidige tijdsbedeling) van CJH Theys. (noot AK)
[2] Het Griekse woord “parousia” = Glorieuze verschijning: wederkomst van Christus in macht en majesteit op het einde der tijden.
Uit de Studiebijbel:
Het zelfstandig naamwoord parousia betekent (1) ‘aanwezigheid, tegenwoordigheid’, en (2) ‘komst, aankomst’. Afgeleid van par-eimi ‘zijn (bij), aanwezig of tegenwoordig zijn’ houdt de 1ste betekenis in ‘het ergens zijn of aanwezig zijn’, d.w.z. de aanwezigheid of tegenwoordigheid van een persoon op een bepaalde plaats. Zo lezen we bijv. in Filip. 2:12 over Paulus’ tegenwoordigheid, in tegenstelling tot zijn afwezigheid, en in 2 Cor. 10:10 over zijn persoonlijke aanwezigheid, dit in tegenstelling tot contact dat hij met zijn lezers heeft via zijn brieven.
In de 2de betekenis gaat het om het naar iemand of iets toekomen (vandaar ‘toekomst’ in sommige vertalingen) en er dan zijn, dus ‘komst’ om te blijven. … In het buiten-bijbelse Grieks wordt het woord speciaal gebruikt voor de officiële komst van een koning naar een bepaalde stad of streek in zijn rijk. In het NT wordt het woord in het bijzonder gebruikt voor de ‘komst’ van Jezus Christus en dan gaat het niet om Zijn (1ste) komst in het vlees, maar steeds om Zijn (2de) komst IN HEERLIJKHEID, Zijn wederkomst aan het einde der tijden (zie bijv. Matth. 24:3, 2 Thess, 2:8, 1 Joh. 2:28). (noot AK)
[3] Alle Bijbelteksten zijn door mij vermeld in de Herziene Statenvertaling / HSV, tenzij anders vermeld. (noot AK)
[4] Voor de tekst en UITLEG over o.a. Lukas 21, zie onze studie LUKAS – Het Boek van de NIEUWE MENS in Christus (Over Jezus, de Hogepriester en hoe wij, als priesters van de allerhoogste God, Hem moeten dienen)van E. van den Worm. (noot AK)
[5] Zie eventueel onze studie Er komt spoedig een Goddelijke Bruiloft hier op aarde (nl. de grote ‘Spade Regen’ uitgieting v.d. Heilige Geest, in grote kracht) van E. van den Worm. (noot AK)
[6] Zie eventueel onze studie De 5 wijze en de 5 dwaze maagden en hun eigen lotsbestemmingen in de eindtijd van E. van den Worm. (noot AK)
[7] Er is hier heel bewust gekozen voor het woord ARENDEN uit de Statenvertaling. Zowel de HSV als de NBV hebben dit woord vertaald met “gieren”, wat in deze context onjuist is. Want… gieren zijn aaseters, zij eten dus “dode spijze” (beeld van: “de letter die dood” – zie 2 Korinthe 3:6). Arenden eten –en zoeken/vangen zelf– levend aas, dus “levende spijze” (beeld van: “Christus, Het LEVENDE Brood” en van “de Geest die LEVEND maakt” – zie Johannes 6:51+63 en 2 Korinthe 3:6).
Degenen die door de Here AANGENOMEN zijn als lid van het Bruidslichaam worden tot dat LICHAAM van Christus toegevoegd. Deze verzen moet men dus NIET verwarren met Mattheus 24:28 waar wel “gieren” moet staan: “Want waar het DODE lichaam zal zijn, daar zullen de GIEREN vergaderd worden”. Dit slaat namelijk op het lichaam van de GROTE HOER, de VALSE KERK (zie Openbaring, hoofdstuk 17), waar de VALSE (naam)CHRISTENEN vergaderd zullen worden. Deze uitleg van de Schrift wordt door de CONTEXT bevestigd.
Arendsheiligen zijn een beeld van (de leden van) de Bruid van Christus. Want, in Jesaja 40:31 lezen we: Maar wie (de Wederkomst van) de Here verwachten, putten nieuwe kracht; zij varen op met vleugelen als arenden; zij lopen, maar worden niet moede; zij wandelen, maar worden niet mat.” Waar degenen (ook christenen) zijn, die verlaten worden, weten we, namelijk in die wereld waarin de antichrist dan heerst, maar het gaat er hier om waar degenen “die aangenomen zijn tot leden van de Bruid” VERGADERD zullen worden. De Here Jezus zegt ons hier (in Lukas 17:37) dat ze “als arenden” vergaderd zullen worden in Zijn geestelijk Lichaam – en Zijn geestelijk Lichaam dat is: de Bruid van Christus – zij hebben deel aan de Bruiloft van het Lam van God. (noot AK)
[8] Zie eventueel ons artikel Een ANDER geluid – Is de visie aangaande de zgn. OPNAME wel juist ? van A. Klein. (noot AK)
[9] Zie eventueel ons artikel Een ANDER geluid – Wie is de VROUW uit Openbaring 12 ? van A. Klein. (noot AK)
[10] Zie eventueel onze studie van Openbaring 12, met ‘vers voor vers’ UITLEG, van E. van den Worm. (noot AK)
.
Geplaatst in Bijbelstudie, Bruiloft vh Lam/Bruid/Bruidegom, de grote verdrukking, Eindtijdstudie, Studie van H Siliakus, Wederkomst van Christus | Tags: , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Bemoediging bij de arbeid in/op Gods akker

Zaaien in Gods akker

“Zaaiend in de morgen, zaaiend in de avond”, zo luidt een versregel van een bekend lied. [i]
Dat dit niet altijd een even gemakkelijke taak is, wordt bevestigd en gedeeltelijk verklaard door Prediker 11 vers 6:

  • “Zaai uw zaad in de morgen en trek uw hand in de avond niet terug. U weet immers niet of dit zal slagen of dat, of dat het allebei goed zal zijn.” [1]

Ontegenzeglijk is het waar, dat wij ook bij het zaaien van Gods Woord niet weten of en wanneer het zaaien vrucht zal opleveren.
Nochtans moeten wij het zaaien daarom niet nalaten en niet moedeloos worden bij het – schijnbaar – uitblijven van resultaat.
Evenmin moeten wij ons werk om die reden maar met een zekere gelatenheid verrichten.
Wat hier aan wetenschap ontbreekt, moet door GELOOF worden ondervangen!
Weliswaar zullen wij somtijds “al wenende” moeten zaaien (zie Psalm 126:5-6), maar wanneer onze “geloofsogen” gericht zijn op Jezus, zullen wij nimmer moedeloos of lusteloos worden:

  • Wie met tranen zaaien, zullen met gejuich maaien. Wie het zaad draagt en dat zaait, gaat al wenend zijn weg; maar hij zal zeker terugkomen met gejuich, en zijn schoven dragen.” (Ps. 126:5-6)

Door het geloof immers verstaan wij zovele dingen die het verstand niet omvatten kan!
Met het verstand kunnen wij niet begrijpen dat het bloed van Jezus [2] verlossen en reinigen kan, maar door het geloof verstaan wij het.
Zo verstaan wij ook door het geloof dat onze “arbeid niet ijdel is in de Here” (SV):

  • “Daarom, mijn geliefde broeders, wees standvastig, onwankelbaar, altijd overvloedig in het werk van de Heere, in de wetenschap dat uw inspanning niet tevergeefs is in de Heere.” (1 Korinthe 15:58)

Wat wij echter doen moeten, is: niet letten op de wind van Prediker 11:4, de zogenaamde “ongunstige omstandigheden” – voor God bestaan die niet – maar op de wind die bedoeld wordt in Johannes 3:8, de Heilige Geest! [3]

  • “Wie op de wind blijft letten, zal niet zaaien. Wie naar de wolken blijft kijken, zal niet oogsten.” (Pred. 11:4)
  • “De wind waait waarheen hij wil en u hoort zijn geluid, maar u weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat; zo is het met iedereen die uit de Geest geboren is.” (Joh. 3:8)

Zaaien met geloof in het – onzichtbare – werk van de Heilige Geest!
Nimmer zullen wij weten welk zaaisel vrucht draagt, het werk van de wedergeboorte blijft voor ons een verborgenheid, maar… “al wat gedaan wordt uit liefde tot Jezus, behoudt zijn waard’ en zal blijven bestaan”. [ii]

H. Siliakus
Digitaal uitgewerkt door A. Klein

PDF (in smartphone-formaat)

***********************************************************************************

[1] Alle Bijbelteksten zijn door mij vermeld in de Herziene Statenvertaling / HSV, tenzij anders vermeld. (noot AK)
[2] Zie eventueel onze studie De overwinningen van het gestorte Bloed van het Lam van God, over satans zondemachtvan E. van den Worm. (noot AK)
[3] Zie eventueel onze studie De natuurlijke mens en de Heilige Geest van CJH Theys. (noot AK)

**********************************************

[i]

  1. Zaaiend in de morgen, zaaiend ’t zaad der liefde,
    zaaiend in de middag tot in ’t avonduur
    ;
    wachtend op het maaien en het heerlijks oogstfeest
    brengen wij met vreugde schoven in de schuur.

    Refrein:
    Schoven in de schuur!(2x)
    brengen wij met vreugde schoven in de schuur.
    schoven in de schuur.

  • beginregels van de verdere strofen:

2. Zaaiend bij het zonlicht, …
3. Ga, al is het wenend, …

Zangbundel Joh. de Heer, lied 646. (noot AK)

**************************************

[ii]

  1. Grijp toch de kansen, door God u gegeven!
    Kort is uw zijn hier, de tijd snelt daarheen.
    Wat toch blijft over, o zeg, van dit leven?
    D’ arbeid der liefde, gedaan om u heen.

    Refrein:
    Niets is hier blijvend, niets is hier blijvend,
    alles, hoe schoon ook, zal eenmaal vergaan;
    maar wat gedaan werd uit liefde tot Jezus.
    dat houdt zijn waard’ en zal blijven bestaan
    .

    2. Geef dan uw tijd niet aan ijdele zorgen;
    help hen, die vielen, breng troost in hun smart!
    O, laat uw licht schijnen, blij als de morgen;
    wijs op de Heiland, die rust geeft voor ’t hart!

    3.  Weet: al uw arbeid, uw lijden voor Jezus,
    ’t wordt door Hemzelve geschat naar zijn waard’.
    En eens daarboven, daar vinden we weder
    vruchten van ’t zaad, dat wij strooiden op aard
    .

Zangbundel Joh. de Heer, lied 166. (noot AK)

.

Geplaatst in de Heilige Geest, Getuige-zijn, Gods Geest, Studie van H Siliakus, Werkers in Gods dienst, Woord en Geest | Tags: , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Hoop of ijdele hoop

De vrede weggenomen

Hoop op HemWoelig is het wereldtoneel van onze dagen. Waar wij het hoofd ook wenden, overal ontwaren wij onrust. Is het geen openlijke oorlog die er gevoerd wordt, dan zijn het wel “woelingen” die niet veel goeds voorspellen, en op zijn minst is er sprake van “sluimerende conflicten”. En dit betreft niet alleen de verhoudingen tussen de volkeren, maar ook die tussen allerlei bevolkingsgroepen in de verschillende landen en zelfs in de omgang tussen individuen, enkele personen, zien wij steeds veelvuldiger “botsingen” optreden. Een gehele wereld is in strijd gewikkeld en ieder is erbij betrokken. De vrede is van de aarde weggenomen:

  • “En een ander paard, dat rood was, trok uit, en aan hem die erop zat, werd macht gegeven de vrede van de aarde weg te nemen, en te maken dat men elkaar zou afslachten. En hem werd een groot zwaard gegeven.” (Openbaring 6:4 [1]) [2]

Oorlogen en “geruchten van oorlogen”, dat wil zeggen: de gehele leef-atmosfeer is bezwangerd met “strijd”! En dan de angst en de onzekerheid die er heden heersen, wereldwijd.
Er zijn altijd wel bewogen tijden geweest, maar zoals de gebeurtenissen heden hun weerslag hebben op het hart van de mensen, zó erg was het nimmer tevoren. Voor velen is de spanning al te veel geworden; zij worden ziek of sterven voor hun tijd, en op alle mogelijke manieren probeert men de spanning en de druk te ontvluchten. Ongetwijfeld zijn wij in de tijd aangekomen, waarvan Jezus zei:

  • “En het hart van de mensen zal bezwijken van vrees en verwachting van de dingen die de wereld zullen overkomen…” (Lukas 21:26a) [3]

Dit is de tijd die voorafgaat aan de wederkomst des Heren. Op deze wederkomst houden Gods kinderen van vandaag de dag in groten getale hun oog gericht. Het is de hoop die zij hebben in een wereld die ten prooi is aan de wanhoop. Toch moeten zij oppassen dat hun hoop geen ijdele hoop zal blijken te zijn! “Uitzien naar” en “wachten op”, zonder meer, zijn niet voldoende om deze dag onbevreesd tegemoet te kunnen gaan. Hoe wachten wij? Of, beter gezegd, hoe bereiden wij ons voor op Zijn wederkomst? Is er een toenemen in geloof? Wandelen wij op de weg van heiligmaking? [4] En wat wij onszelf vooral moeten afvragen: Zijn wij werkelijk vervuld – dat is: geheel gevuld – met de Heilige Geest? [5]

.

Over de golven komt Jezus

Een treffende beschrijving van onze tijd, in schaduw-beeldige zin, vinden wij in de geschiedenis van Jezus’ wandeling op de zee:

  • “En meteen dwong Jezus Zijn discipelen in het schip te gaan en voor Hem uit te varen naar de overkant, terwijl Hij de menigte weg zou sturen. En toen Hij de menigte weggestuurd had, klom Hij de berg op om er in afzondering te bidden. Toen het avond was geworden, was Hij daar alleen. Het schip was al midden op de zee en verkeerde in nood door de golven, want ze hadden de wind tegen. Maar in de vierde nachtwake kwam Jezus naar hen toe, lopend over de zee. En toen de discipelen Hem over de zee zagen lopen, raakten zij in verwarring en zeiden: Het is een spook! En zij schreeuwden van angst. Maar meteen sprak Jezus hen aan en zei: Heb goede moed, Ik ben het; wees niet bevreesd. Petrus antwoordde Hem en zei: Heere, als U het bent, geef mij dan bevel over het water naar U toe te komen. Hij zei: Kom! En Petrus klom uit het schip en liep op het water om bij Jezus te komen. Maar toen hij op de sterke wind lette, werd hij bevreesd, en toen hij begon te zinken, riep hij: Heere, red mij! Jezus stak meteen Zijn hand uit, greep hem vast en zei tegen hem: Kleingelovige, waarom hebt u getwijfeld? En toen zij in het schip geklommen waren, ging de wind liggen. Zij die in het schip waren, kwamen Hem aanbidden en zeiden: Werkelijk, U bent de Zoon van God! En toen zij overgevaren waren, kwamen zij in het land Gennesaret. En toen de mannen van die plaats Hem herkenden, stuurden ze bericht rond in heel die streek en brachten allen bij Hem die er slecht aan toe waren; en zij smeekten Hem alleen maar de zoom van Zijn bovenkleed te mogen aanraken. En allen die Hem aanraakten, werden gezond.” (Mattheüs 14:22-36)

De daar beschreven storm op zee en de woelige baren doen ons sterk denken aan de huidige wereldsituatie. De volkeren-zee en de watergolven geven groot geluid:

  • “En er zullen tekenen zijn in zon, maan en sterren, en op de aarde benauwdheid onder de volken, in radeloosheid vanwege het bulderen van zee en golven”! (Lukas 21:25) [6]

In deze geschiedenis wordt ons met name verteld hoe het met Jezus’ Gemeente zal gaan in de eindtijd – het schip met dat handjevol discipelen; alsmede welke hoop er is voor wie in Christus zijn. De uitkomst voor de in nood zijnde discipelen kwam, toen “in de vierde nachtwake” Jezus tot hen afkwam, wandelende op de zee (zie Mattheüs 14:25). Wondervol beeld van Zijn wederkomst! Hij komt in de vierde nachtwake, dat wil zeggen: tegen de morgenstond, als de nacht bijna voorbij is (zie Markus 13:35, waar alle vier de nachtwaken genoemd worden):

  • “Wees dus waakzaam! Want u weet niet wanneer de heer des huizes komt, ‘s avonds laat of te middernacht of met het hanengekraai of ‘s morgens vroeg.”

In nauw verband hiermee staat dat Jezus Zich aan de Gemeente van de eindtijd zal openbaren als de “Blinkende Morgenster”:

  • “Ik, Jezus, heb Mijn engel gezonden om bij u in de gemeenten van deze dingen te getuigen. Ik ben de Wortel en het Nageslacht van David, de blinkende Morgenster.” (Openbaring 22:16) [7]

Wat mede zeggen wil dat Zijn tegenwoordigheid door de Zijnen al gekend zal worden nog vóórdat Hij met kracht en heerlijkheid op aarde zal zijn teruggekeerd. In Zijn sterre- of shekina-heerlijkheid [8] zal Christus Zich reeds in Zijn Gemeente openbaren ten tijde van de grote Spade Regen-opwekking [9] en met dezelfde heerlijkheid zullen alsdan die kinderen Gods bekleed worden die na deze “ontmoeting” tezamen de Bruidsgemeente van Jezus zullen vormen:

  • “En er verscheen een groot teken in de hemel: een vrouw [10], bekleed met de zon, en de maan was onder haar voeten en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren.” (Openbaring 12:1) [11]
  • “Want zie, de duisternis zal de aarde bedekken en donkere wolken de volken, maar over u zal de HEERE opgaan en Zijn heerlijkheid zal over u gezien worden.” (Jesaja 60:2) [12]

In de nacht van deze tijd, in het middernachtelijk uur van de wereld, zal dit plaatshebben, maar de Bruidsgemeente zal alsdan de zekerheid hebben dat de “morgen” gaat aanbreken. Hoe sterk en levend dan de hoop zal zijn van deze Bruidsgemeente, daarvan kunnen wij ons nu nog nauwelijks een voorstelling maken! Maar hoe zal het gesteld zijn met de gelovigen van de “dwaze maagden-gemeente”? [13]

.

  • KLIK HIER als u deze GRATIS studie verder wilt lezen of downloaden
    (in smartphone-formaat).

H. Siliakus
Enigszins bewerkt door A. Klein

**********************************************

[1] Zie eventueel onze studie met meer UITLEG van dit 4e vers: “Openbaring 6”, van E. van den Worm en/of Openbaring 6 van CJH Theys. (noot AK)
[2] Alle Bijbelteksten zijn door mij vermeld in de Herziene Statenvertaling / HSV, tenzij anders vermeld. (noot AK)
[3] Zie eventueel onze studie met meer UITLEG van dit 26e vers: LUKASHet Boek van de NIEUWE MENS in Christus. (Over Jezus, de Hogepriester en hoe wij, als priesters van de allerhoogste God, Hem moeten dienen) van E. van den Worm. (noot AK)
[4] Zie eventueel onze studie Heiligmaking van E. van den Worm. (noot AK)
[5] Zie eventueel onze studie De natuurlijke mens en de Heilige Geest van CJH Theys. (noot AK)
[6] Zie noot 3.
[7] Zie eventueel onze studie met meer UITLEG van dit 16e vers: “Openbaring 22”, van E. van den Worm en/of Openbaring 22 van CJH Theys. (noot AK)
[8] Shekina = De openbaring (of: het openbaar of gewaar worden) van Gods heerlijkheid en tegenwoordigheid, met BOVENNATUURLIJK Licht van God. (noot AK)
[9] De Spade Regen-opwekking = Het beeld van de UITSTORTING van de Heilige Geest in de eindtijd – zie Joël 2:23b en 28-29. Zie eventueel onze studie De Spade Regen OPWEKKING van H. Siliakus en/of De Spade Regen Opwekking KOMT van E. van den Worm. (noot AK)
[10] Zie eventueel onze studie Een ANDER geluid – Wie is de VROUW uit Openbaring 12 ? van A. Klein. (noot AK)
[11] Zie eventueel onze studie met meer UITLEG van dit 1e vers: “Openbaring 12”, van E. van den Worm en/of Openbaring 12 van CJH Theys. (noot AK)
[12] Zie eventueel onze studie Beknopte verklaring van het boek Jesaja”, van H. Siliakus.
Opmerking uit deze studie bij dit 2e vers: “Het midder-nachtelijke uur van de wereld. “Zijn heerlijkheid over u” – dat is: de Bruid bekleed met de volle heerlijkheid van de Godheid (zie ook Openb. 12:1).” (noot AK)
[13] Zie eventueel onze studie De 5 wijze en de 5 dwaze maagden en hun eigen lotsbestemmingen in de eindtijd van E. van den Worm. (noot AK)
.
Geplaatst in Bijbelstudie, Bruiloft vh Lam/Bruid/Bruidegom, de Heilige Geest, Eindtijdstudie, Genadetijd Gods, Studie van H Siliakus, Tekenen vd eindtijd, Wederkomst van Christus | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Een goed begin(sel) van het ware leven – Goede werken: ja of neen?

Liefde Gods

Tot het erfgoed van de Reformatie mogen wij rekenen: het vasthouden aan de waarheid, dat een mens niet door goede werken zalig wordt, maar door het geloof en uit genade. Het enige dat de mens voor zijn zaligheid kan “doen” is: te geloven in Jezus Christus als Zijn Redder en Middelaar. Maar zo dit nog “verdienste” zou kunnen worden genoemd, moet toch bedacht worden, dat zelfs dit geloof hem door God geschonken wordt:

  • “Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God!(Efeze 2:8) [1]

De Bijbelse leerstelling van “zalig door geloof en genade” moet ook vandaag de dag nog met kracht gepredikt worden, want telkens weer – en vooral in ònze tijd! – komt de neiging van de mens naar boven om de zaligheid te willen “verdienen”: activisme, de geest van “werkheiligheid” (vandaag de dag op vele plaatsen werkzaam).
Een geheel verkeerde voorstelling over “geloofswerken” – “hongerige voeden” en “naakten kleden”, om maar wat te noemen, zijn geen “geloofswerken”, maar “liefdeswerken” – werkt dit mede in de hand (Jakobus 2 is een door velen niet begrepen hoofdstuk), maar de belangrijkste oorzaak ervan dat deze gevaarlijke dwaling telkens weer een opgang beleeft, is gelegen in de door hoogmoed ingegeven “natuurlijke” afkeer van de mens om uit genade te moeten leven! Het zij daarom benadrukt dat “werken voor Jezus” goed is, als het een werkelijk afstaan van het leven is aan Jezus – conform Romeinen 12:1 [2] – ten prooi aan werkelijk “heilig vuur”, en als zuivere liefde tot Jezus het enige motief is (geen “zelfverwerkelijking”, geen eerzucht, geen dadendrangbevrediging of wat dies meer zij).
Toch mag het vasthouden aan de bovenbedoelde waarheid er niet toe leiden dat wij gaan menen dat God geen goede werken wil! Wij worden er niet zalig door, maar… overal in de Bijbel horen wij God ons toeroepen: “Heb uw naaste lief gelijk uzelf”! – het tweede grote gebod en volgens Jakobus 2:8 [3] “de koninklijke wet” – en worden zaken als barmhartigheid, mededeelzaamheid, hulpvaardigheid, enzovoorts (alle “liefdes-werken”) als eisen van God naar voren gebracht en mede gerekend tot de “vruchten der bekering waardig”.
Ook in het Nieuwe Testament, waar zelfs mede tot “geestelijke liefdeswerken” wordt opgeroepen:

  • “Ik roep er dan vóór alles toe op dat smekingen, gebeden, voorbeden en dankzeggingen gedaan worden voor alle mensen(1 Timotheüs 2:1)

Maar al deze werken moeten niet gedaan worden “onder dwang” – al te grote nadruk erop is daarom gevaarlijk (!) – of met “bijoogmerken” (vergelijk Mattheüs 6:1 [4]), maar “vanuit het hart” en “als voor Jezus”:

  • “En de Koning zal hun antwoorden: Voorwaar, Ik zeg u: voor zover u dit voor één van deze geringste broeders van Mij gedaan hebt, hebt u dat voor Mij gedaan.” (Mattheüs 25:40)

En een waarachtig wedergeboren mens doet ze dan ook als “vanzelf”.
Is nu wat er in 1 Timotheüs 6:18-19 geschreven staat, in strijd met de leer van “zalig door geloof”? Neen!

  • “Ook om goed te doen (SV: Dat zij weldadig zijn), rijk te zijn (SV: rijk worden) in goede werken, vrijgevig te zijn en bereid om samen te delen. Zo verzamelen zij voor zichzelf een schat: een goed fundament voor de toekomst (SV: voor het toekomde), opdat zij het eeuwige leven verkrijgen.” (1 Tim. 6:18-19)

In de eerste plaats moeten wij “het eeuwige leven” hier verstaan als “het ware leven” (wat het immers ook is). En vervolgens dienen wij te letten op het woord “fundament”, hetgeen “begin(sel)” (of: basis) betekent.
Paulus brengt hier de geestelijke waarde naar voren van het leven van “geven” (het doen van goede werken in één woord). Geven, zichzelf verliezen en wegcijferen, zelfverloochening, de kruisiging van het eigen “ik”, alles uit pure liefde tot Jezus, brengt ons als “een schat” het “begin van het ware leven”.
Zo was ook Jezus’ leven, en blijkens Jesaja 53:10 [5], is het Kruis van Jezus het grote symbool van dit leven.

  • “Maar het behaagde de HEERE Hem te verbrijzelen, Hij heeft Hem ziek gemaakt. Als Zijn ziel Zich tot een schuldoffer gesteld zal hebben, zal Hij nageslacht (SV: zaad, in geestelijke zin) zien, Hij zal de dagen verlengen; het welbehagen van de HEERE zal door Zijn hand voorspoedig zijn (SV: gelukkig voortgaan).”

Jezus’ leven van “geven” kende zijn apotheose in het geven van Zijn “al” aan het Kruis! Door dit offer is er tot de dag van vandaag “een gelukkig voortgaan van Gods welbehagen”!
Laat ons ernaar streven zó één te worden met Jezus, dat ook ons leven waarlijk “zegen verspreiden” wordt. Aldus zullen wij tot de kennis van het ware leven komen.

H. Siliakus
Enigszins bewerkt door A. Klein

PDF (in smartphone-formaat)

****************************************************

[1] Alle Bijbelteksten zijn door mij vermeld in de Herziene Statenvertaling / HSV, tenzij anders vermeld. (noot AK)
[2] Romeinen 12:1, “Ik roep u er dan toe op, broeders, door de ontfermingen van God, om uw lichamen aan God te wijden als een levend offer, heilig en voor God welbehaaglijk: dat is uw redelijke godsdienst.”
[3] Jakobus 2:8, “Als u echter de koninklijke wet volbrengt, volgens de Schrift: U zult uw naaste liefhebben als uzelf, dan handelt u goed.”
[4] Mattheüs 6:1, “Wees op uw hoede dat u uw liefdegave niet geeft in tegenwoordigheid van de mensen om door hen gezien te worden; anders hebt u geen loon bij uw Vader, Die in de hemelen is.”
[5] Zie eventueel onze studie Beknopte verklaring van het boek Jesaja van H. Siliakus.
Uitleg bij dit 10e vers, dat het gaat over: De genadetijd en de vorming van de Gemeente van Christus. (noot AK)

.

 

Geplaatst in Bijbelstudie, Studie van H Siliakus, Werkers in Gods dienst, Woord en Geest | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Boekbespreking 74: De Spade-Regen Opwekking KOMT !

Bidt voor een wereldwijde opwekking en evangelisatie vóór Christus’ wederkomst!

De spade regen opwekking komt kleurHet staat vast, dat wij zéér toe zijn aan een wereldwijde uitstorting van de Heilige Geest; een uitstorting, die er zal zijn vóór de vastbesloten oordelen zullen komen. Wij zien dat langzamerhand in de wereld duidelijk(er) worden. Wij zien steeds helderder, dat deze geweldige beweging, die God door Zijn Heilige Geest zal bewerken nabij is. Deze beweging zal de hele mensheid omvatten, vóórdat de gerichten haar geheel zullen verzwelgen, zoals de zondvloed de toenmalige wereld geheel heeft verzwolgen (Openbaring 5:6).
Gods Levensboot zal dicht langs het huiverende en wegzinkende wereldwrak heen varen en hele massa’s van de ondergaande mensheid aan boord nemen! Want het zal niet de mens zijn, die naar God zal verlangen en daarbij in wanhoop een poging zal doen om Hem te bereiken, maar God zal, zoals altijd, naar de mens zoeken en Hij zal hierbij een laatste poging doen om hem te redden.
In de geschiedenis waren de toestanden van vreselijke donkerheid niet tégen opwekking als zodanig, maar juist er vóór! Want opwekking is God, Die de wereld van haar afglijding naar de hel wil redden, door een machtige opwelling, uitgaande van de Heilige Geest! En het is deze volle geestes-uitstorting, die zéér dicht zal aansluiten bij de tweede komst van de Here, waar wij op wachten en waar wij voor bidden. (En omstreeks die tijd zal onze Heer Zijn Gemeente wegnemen – toegevoegd door vertaler).
Deze uitstorting is dus een nog toekomstig werk van de Heilige Geest en zal van een dusdanige kracht en omvang zijn, dat de eerste Pinksteruitstorting er een kleinigheid bij vergeleken is. Zij zal plaatshebben op een schaal, zoals nog nooit eerder in de geschiedenis is voorgekomen.
Deze laatste Pinksteruitstorting zal eveneens ter zaligmaking zijn, en niet ter veroordeling, want: “…al wie de Naam des Heren zal aanroepen, zal behouden worden…” (Joël 2:32a).
Tegen de tijd dat de laatste stuiptrekkingen van de doodstrijd van een ondergaande wereld ophouden, zal er nog éénmaal, luider dan ooit, de roep van een ontzagwekkend, en oneindig mededogen weerklinken!
Joël, de profeet van de komst van de Heilige Geest, hield als eerste van de profeten van Israël, het geweldige lichtbaken van Zijn komst omhoog. Maar gedurende wellicht 800 jaar bleef de profetie onvervuld, tot die eerste Pinksterdag, en dàt terwijl opwekking na opwekking door Israël was gegaan. Evenzo is de komst van de Heilige Geest, voor Zijn tweede uitstorting, voor de tijd van bijna 2000 jaren uitgebleven, terwijl opwekking na opwekking door de Gemeente van God is gegaan, hoewel deze opwekkingen nooit de volledige vervulling van Joëls profetie zijn geweest, hoeveel zegen zij ook hebben gebracht.
Hele geslachten zijn gekomen en gegaan; profeten, groter dan Joël zijn opgestaan, hebben geprofeteerd en zijn weer heengegaan. Grote opwekkingen des geloofs en politieke revoluties, gevolgd door zware geweldpleging en atheïsme, kwamen en gingen. De profetie leek wel te hebben gefaald. En zonder enige twijfel hebben velen dat ook goed gepraat, precies zoals zij dat vandaag de dag nòg doen; namelijk door de wonderbare vóórtekenen eenvoudig weg te redeneren. Maar op het laatst kwam daar de apostel, die triomfantelijk uitriep: “…dit is het, wat gesproken is door de profeet Joël…” (Handelingen 2:16).
Het voornaamste waren de er tussenliggende opwekkingen. Opwekking is altijd een verse toevloed van Goddelijk leven geweest, vloeiende in een lichaam dat gevaar liep om een lijk te worden. De opwekking onder koning Hiskia (2 Kronieken 29) werd een wonderbare beweging, die een heel land omvatte, en een geslacht veranderde! Deze opwekking begon op een geheiligde nacht.
De eerste Pinksteruitstorting volgde eigenlijk zo goed als vlak na het gebeurde op Golgotha. Het was leven dat van God uitging, na een daadwerkelijk sterven van Gods Zoon. Het was Gods buitengewone gave van nieuw leven, nadat de tempel, om het zo te zeggen,  eigenlijk niet meer dan een geraamte voor de gieren was geworden.
Het was in het midden van donkere eeuwen, dat de zeer grote opwekking, die wij “Reformatie” noemen, in een klooster der Augustijnen uitbrak. Deze opwekking heeft Europa doen schudden en heeft de geschiedenis van de hele wereld veranderd!
De heersende toestanden vóór de opwekking onder Wesley en Whitefield zijn als volgt beschreven: “Dood in de kerken, verrotting van de algemene zeden en overal ontrouw, indringend als een overstroming.”
Blackstone, de beschrijver van de wetten van Engeland ten tijde van koning George de 3de, zeide, dat hij zich in verbinding had gesteld met elke kerk van enig belang in Londen, en dat hij had bevonden, dat het onmogelijk was om vast te stellen, wie van de geestelijken nu eigenlijk een volgeling van Confucius, Mohammed, of Jezus Christus kon worden genoemd.
Wat is opwekking nu precies? Opwekking is, zoals op de eerste Pinksterdag, de plaatselijke tegenwoordigheid van de Godheid, Die de mens aan zichzelf openbaar doet worden, en op die wijze de ziel tot in haar grondvesten doet trillen.
Tijdens een opwekking in Afrika schreef een zendeling: “Wij hebben voor een opwekking gebeden. Maar in plaats daarvan werden er ongehoorde afschuwelijkheden onder de Christenen geopenbaard.” Opwekking is dan ook een openbreken van de grote diepten van de menselijke ziel. Tijdens een opwekking in Japan riep een der voorgangers uit: “Tweemaal slechts heb ik in mijn leven geweend; éénmaal toen mijn moeder stierf en nù in deze bijeenkomst.”
En Whitefield schrijft over één van zijn bijeenkomsten: “Hun bitter geschrei en hun tranen waren genoeg om de meest verharde harten tot verbreking te brengen. Sommigen waren doodsbleek, anderen sloegen tegen de grond; weer anderen wrongen zich de handen en weer anderen schreeuwden het uit, alsof zij in de grootste doodsangst verkeerden. Zij leken op mensen die, als het ware, door de laatste bazuin uit hun graven waren opgewekt ten oordeel. Ik zelf was toen dusdanig door de liefde Gods overmeesterd, dat ik dacht, dat ik mijn leven zou moeten afleggen.”

.

Een lawine van de Heilige Geest in een toekomstig tijdperk.

Maar de Allerhoogste heeft bij monde van Joël, in de eerste grote belofte na die aangaande de Messias, de eerste in tijd en de eerste in belangrijkheid, voorzegd:

  • Ik zal uitstorten”,

niet langer een druppelsgewijze uitdeling van Zijn zegen zoals onder de wet, maar een uitgieten in stromen onder het Evangelie! Het woord betekent niet “distilleren”, maar “uitstorten”, dit is “uitdelen in grote overvloed”,

  • van Mijn Geest”.

Er staat “van” Mijn Geest, omdat niemand Christus, en zelfs niet de gehele mensheid, de HELE Geest van God kan bevatten.

  • op ALLE VLEES” (Handelingen 2:17; Joël 2:28).

Let op de juiste eigenschap van deze geduchte beweging van de Heilige Geest. Het zal een eigenmachtige daad van God zijn. En zij zal in geen enkel geval van de mens afhankelijk zijn. Ook zal zij ogenblikkelijk zijn. Het wordt een neerstromen van Goddelijke kracht, belichaamd in een Goddelijke Persoon. En die kracht zal nederdalen vanuit de Godheid, Die zowel wonderen als zaligmaking van Zich zal doen uitstromen. Zij zal een beweging inluiden, die het enorme voordeel van profetisch geleid worden en het geven van wonderbare getuigenis in zich zal dragen, want:

  • Uw zonen en uw dochteren zullen profeteren…”

in een algemene uitbarsting van de gave der profetie. Ook zou het onmogelijk zijn om deze profetie nòg meer uit te breiden. “Alle vlees” is een beschrijving in de Schrift, die nooit is beperkt tot Israël of tot enig ander deel van de mensheid!
En of het nu betekent: “Alle vlees”, in de zin van: “allen zonder onderscheid”, of “enigen van alle rangen en klassen”, dan wel anderszins, het zal uiteindelijk een algemene daad van de Heilige Geest op iedere menselijke ziel blijken te zijn. In ieder geval zal het een geweldige daadwerkelijke kracht zijn, die de laatste persoonlijke aanraking van de hele mensheid door God, direct of indirect zal bevatten.
Wij staan dan nu op de drempel van deze geweldige omwenteling door de Heilige Geest. Hierbij is de datum van buitengewoon belang. Wanneer zal deze vloed van de Heilige Geest over ons komen? Leest daartoe aandachtig wat Petrus zei:
Maar dit is het, wat gesproken is door de profeet Joël: En het zal zijn in de laatste dagen (de laatste dagen van deze bedeling, de laatste dagen van deze wereld in haar huidige vorm, de sluitingstijd, vlak vóór het oordeel) zegt God” (Handelingen 2:16-17).
Hoewel de wonderen van het eerste Pinksteren (lees Handelingen 2) de 1ste en tevens de letterlijke vervulling van de profetie (uit Joël 2:28-32) zijn geweest, zijn die nog maar een kleinigheid vergeleken bij de werkelijke inhoud daarvan, die in onze onmiddellijke toekomst tot uiting zal komen.
De apostel Petrus vermijdt het gebruik van het woord “vervulling” dan ook niet voor niets. Anderzijds is hij weer zeer positief in zijn uitspraak: “Maar dit is het…”. Dat wil dus eigenlijk zeggen, dat het eerste Pinksteren een gedeeltelijke vervulling van de profetie is geweest, derhalve nog niet een algehele, nòch zelfs het voornaamste deel van de profetie. En wat dan hier zo van beslissende betekenis is, is het feit, dat Petrus de dingen, die nog in de toekomst liggen, erbij betrekt in de verzen 19-21 (van Handelingen 2).
En het zal zijn: Bloed”(Openbaring 8:7, uit de hemel vallend bloed), “en vuur” (Openbaring 8: 10, een grote ster, brandende als een fakkel, vallend uit de hemel, en neerslaande bliksem) “en rookdamp” (wolken van dodelijke atomische dampen…).
En zo zijn wij thans in de tijd genaderd tot het plaatshebben van zulk een schokkend ogenblik. Er zal zéér zeker meer vervat zijn in dat neerkomen van de Heilige Geest, dan de Gemeente tot nu toe heeft ervaren en de wereld heeft mogen zien; want de Heilige Geest Zelf openbaart ons, dat wij in deze laatste dagen een diepere en meer ingrijpende, alsook een omvangrijkere omwenteling, door Hemzelf veroorzaakt, zullen meemaken!
Verder is er in de profetie een overheerlijke belofte verweven.
Deze machtige beweging van de Geest, vlak voorafgaande aan de Dag des Heren, zal het begin zijn (voor allen die er gehoor aan zullen geven) niet van smarten, maar van wonderen; niet van vernietiging, maar van zaligheid! Individuele gemeenschap van de Heilige Geest, rechtstreeks met dit hedendaagse geslacht, zal in de hele wereld een feit worden, vlak voordat zulk een gemeenschap in deze wereld voor eeuwig voorbij zal zijn! Daarom zal het dan ook een gemeenschap worden, die dient tot zaligmaking van het hele mensengeslacht. Maar tevens zal het een geweldige krachtsinspanning worden met een gelijktijdige, gerechtelijke terugslag daaraan verbonden: de hel, indien men haar (= deze machtige beweging van de Geest) uiteindelijk zal verwerpen. Want de zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed!
En het zal geschieden (als gezegende profetie van een ophanden zijnde gebeurtenis), al wie (het genade-aanbod zal zover gaan, dat het “alle vlees” zal aanraken) de Naam des Heren zal aanroepen (en die naam is “Jezus” waarvan Petrus in één adem zegt, “dat God Hem tot een Here en Christus gemaakt heeft”; Handelingen 2:36) ZAL BEHOUDEN WORDEN.”
Zonder twijfel valt deze roep tot God samen met het hartstochtelijke gebed, ons bevolen door onze Heer (Lukas 21:36). En dat deze roep ook Evangelische verlossing inhoudt, wordt bewezen door het feit, dat Paulus dit vers uit Joël aanhaalt als zijnde van toepassing op de Evangelische zaligheid (Romeinen 10:13). Op deze wijze overbrugt hij het tijdperk tussen het eerste Pinksteren en de laatste uitstorting, de circa 2000 jaren tussen de Vroege en de Spade Regen.
En treffender nog wordt dit aangetoond door het feit, dat, zodra Petrus deze woorden had aangehaald, er 3000 zielen in het hart werden gegrepen en God aanriepen (Handelingen 2:14-41).

  • KLIK HIER als u deze GRATIS studie verder wilt lezen of downloaden
    (in smartphone-formaat).

DM Panton
Overgenomen uit “Herald of His Coming”

.

Geplaatst in Bijbelstudie, Boek/studiebespreking, de Heilige Geest, Eindtijdstudie, Genadetijd Gods, Gods Geest/De Heilige Geest/Geestesgaven etc., Opwekking, Wederkomst van Christus | Tags: , , , , , , , , | 1 reactie

De Hoekfundamentsteen (of uiterste Hoeksteen)

hoeksteen

Jezus Christus is de uiterste Hoeksteen:

  • “Gebouwd op het fundament der apostelen en profeten, waarvan Jezus Christus is de uiterste Hoeksteen.” (Efeze 2:20, SV)
  • “Daarom is ook vervat in de Schrift: Ziet, Ik leg in Sion een uiterste Hoeksteen, Die uitverkoren en dierbaar is; en: Die in Hem gelooft, zal niet beschaamd worden.” (1 Petrus 2:6, SV)

Dat wil zeggen: dat wij in Christus vastigheid en zekerheid vinden. Op Hem kunnen wij vertrouwen. Maar lezen wij over Christus als “Hoeksteen”, dan moeten wij ons ook afvragen welke plaats Christus inneemt in ons leven!
Betrekken wij Hem in alles of doen wij alles in feite zonder Hem?
Verlangen wij elke dag aan Zijn zijde te wandelen of hebben wij Hem alleen nodig als er nood of moeilijkheden zijn?
Komt Hij op de eerste of op de laatste plaats?
Welke plaats u Jezus toekent, heeft alles te maken met wat Hij zijn kan voor u!
Hij dringt zich niet op.
Maar, als u Hem wilt kennen in Zijn volheid van kracht en genade, zult u ertoe moeten komen om te zeggen: “Heer, mijn leven is van U”.
Wie werkelijk tot Gods volk behoren wil, zal moeten beseffen en aanvaarden, dat Jezus de “Hoekfundamentsteen” – de letterlijke vertaling – is van de Gemeente. En, dat moet Hij daarom ook voor ons persoonlijk leven zijn!
Ons leven moet enerzijds rusten IN Hem en anderzijds oprijzen UIT Hem.
De hoekfundamentsteen van een gebouw heeft een uitgesproken functie! Het fundament ziet men niet, maar is er toch.
Zo moet ook in ons leven Jezus geopenbaard worden. Dit geschiedt als wij – met alles wat wij zijn – rusten IN Hem, rusten op Zijn genadewerk, en als ons leven geworteld is in Hem en opgebouwd wordt uit Hem.
Christus zal dan ook voor ons uitverkoren en dierbaar zijn!

H. Siliakus

Geen PDF

.

Geplaatst in Bijbelstudie, Nuttige studie als 'basiskennis', Studie van H Siliakus | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

“De Here is nabij”

Wederkomst Jezus

Jezus komt weder

Ons wordt verteld dat toen de volheid van de tijd gekomen was, toen werd Jezus geboren. Het geschiedde geheel volgens de Goddelijke tijdklok. En God was precies op tijd! Maar, het is bepaald dat Jezus nog een tweede maal zal komen en opnieuw zal Hij op tijd zijn. Paulus schreef aan de Filippenzengemeente: “Uw welwillendheid (SV: bescheidenheid) zij alle mensen bekend. De Heere is nabij.” (Filip.4:5) [1]
Jezus’ wederkomst is ophanden. Hij zal spoedig wederkomen. [2] Deze waarheid werd en wordt als onderdeel van de Evangelieboodschap gepredikt. Maar, het is nodig dat de christen aan deze waarheid ook keer op keer herinnerd wordt. Omdat de (komst van de) Here nabij is, zijn er vele dingen die wij allen moeten omhelzen.

Wat wordt van ons gevraagd?

  • Wij moeten ijverig zijn:

“Daarom, geliefden, terwijl u deze dingen verwacht, beijver (SV: benaarstigt) u om onbevlekt en smetteloos (SV: onbestraffelijk) door Hem bevonden te worden in vrede.” (2 Petrus 3:14)
Het Griekse woord dat in de Statenvertaling door “benaarstigen” is vertaald, houdt in: zich haasten, zich inspannen, vaardig en ernstig zijn. Het is het tegenovergestelde van traagheid, het tegengestelde van lui, zorgeloos en onverschillig.

  • Wij moeten veel in het gebed vertoeven:

Jezus zei: “Let op: waak en bid, want u weet niet wanneer het de tijd is.” (Markus 13:33)
En: “Waak dan te allen tijde en bid dat u waardig geacht zult worden om al die dingen die gebeuren zullen, te ontvluchten, en om te kunnen bestaan voor de Zoon des mensen.” (Lukas 21:36) [3]

  • Wij moeten geduldig zijn:

“Wees daarom geduldig, broeders, tot de (weder)komst van de Heere. Zie, de landbouwer verwacht de kostbare vrucht van het land, en heeft daarbij geduld, totdat het de vroege [4] en late (SV: spade) regen ([5] en [6]) zal hebben ontvangen. U moet ook geduldig zijn en uw hart versterken, want de (weder)komst van de Heere is nabij.” (Jakobus 5:7-8)

  • Wij moeten rein zijn:

“Geliefden, nu zijn wij kinderen van God, en het is nog niet geopenbaard wat wij zullen zijn. Maar wij weten dat, als Hij geopenbaard zal worden, wij Hem gelijk zullen zijn; want wij zullen Hem zien zoals Hij is. En ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich [7], zoals Hij rein is.” (1 Johannes 3:2-3)

  • Wij moeten waakzaam zijn:

Dezelfde Schriftplaatsen die wij hierboven aanhaalden en die ons voorhouden dat wij veel in het gebed moeten vertoeven, in verband met het naderbij komen van Christus’ wederkomst, zeggen ons ook dat wij waakzaam moeten zijn. In Markus 13 vervolgt Jezus met te zeggen:
Wees dus waakzaam! Want u weet niet wanneer de Heer des huizes komt (= beeld van Jezus’ wederkomst), ’s avonds laat of te middernacht of met het hanengekraai of ’s morgens vroeg, opdat Hij u niet, als Hij plotseling komt, slapend aantreft. En wat Ik tegen u zeg, zeg Ik tegen allen: Wees waakzaam! (Markus 13:35-37)

  • Wij zullen gereed moeten zijn:

Jezus zei: “Weest ook u daarom bereid, want op een uur waarop u het niet zou denken, zal de Zoon des mensen komen.” (Mattheüs 24:44)
In de gelijkenis van de tien maagden, van wie er vijf wijs en vijf dwaas waren [8], zegt Jezus ons:
“Toen zij (de dwazen) weggingen om olie te kopen, kwam de bruidegom; en zij (de wijzen) die gereed waren, gingen met hem naar binnen naar de bruiloft (SV: met hem in tot de bruiloft), en de deur werd gesloten.” (Mattheüs 25:10)
Wij moeten ons in een staat van gereedheid bevinden:
“Laten uw lendenen (de lenden van uw verstand, zie 1 Petrus 1:13 [9]) omgord zijn en de lampen brandend. En u, wees gelijk aan mensen die op hun Heer wachten, wanneer Hij terugkomt van de bruiloft (= om Hem dan te verwachten als onze Man – AK), om Hem, als Hij komt en klopt, meteen open te doen.” (Lukas 12:35-36) [10]
“Laten wij blij zijn en ons verheugen en Hem de heerlijkheid geven, want de Bruiloft van het Lam is gekomen en Zijn vrouw heeft zich gereedgemaakt. (Openbaring 19:7)

Troost voor getrouwen

Als wij in al deze dingen getrouw bevonden worden – als wij ijverig zijn, veel in de gebeden, geduldig, rein, waakzaam en als wij ons (voor Hem) gereed maken – dan zullen wij ook vertroost worden.
“Zo dan, (ver)troost elkaar met deze woorden.” (1 Thessalonicenzen 4:18)
Wij kunnen omhoog zien en ons verheugen!

  • “Wanneer nu deze dingen beginnen te geschieden, kijk dan omhoog en hef uw hoofd op, omdat uw verlossing nabij is.” (Lukas 21:28) [11]

Dan betekent “de Heere is nabij” (uit Filippenzen 4:5b): “uw verlossing is nabij”!
Maar als u al deze dingen ontbreken, dan zult u ook de troost en de vreugde missen. En waarlijk, de Heere is nabij!

RC Cabe
Uit: Pentecostal Power (vertaald)

PDF (in smartphone-formaat)

************************************************

[1] Alle Bijbelteksten zijn door mij vermeld in de Herziene Statenvertaling / HSV, tenzij anders vermeld. (noot AK)
[2] Zie eventueel onze studie De wederkomst van Christus nader bekekenvan A. Klein en/of De 7 fasen van de Wederkomst van onze Here Jezus Christusen/of Christus wederkomst als Koning en Rechter van E. van den Worm.
Bekijk ook eens ons Eindtijdschema. (noot AK)
[3] Zie eventueel onze studie met meer UITLEG van ook dit vers: LUKASHet Boek van de NIEUWE MENS in Christus. (Over Jezus, de Hogepriester en hoe wij, als priesters van de allerhoogste God, Hem moeten dienen) van E. van den Worm. (noot AK)
[4] De Vroege Regen = Het beeld van de UITSTORTING van de Heilige Geest op de dag van het 1ste (Nieuwtestamentische) Pinksterfeest (zie Handelingen 2:1-4), nodig voor het ontstaan van de Nieuwtestamentische Gemeente. (noot AK)
[5] De Spade (of Late) Regen = Het beeld van de UITSTORTING van de Heilige Geest in de eindtijd – zie Joël 2:23b en 28-29.
Zie ook nog onze studie De uiteindelijke, Goddelijke HEERLIJKHEID vd ware Gemeente/Kerk vd Here Jezus Christus in de eindtijd, die is GROTER dan die vd eerste Gemeente / Kerkvan E. van den Worm. (noot AK)
[6] Zie eventueel onze studie De Spade Regen OPWEKKING van H. Siliakus en/of De Spade Regen Opwekking KOMT van E. van den Worm. (noot AK)
[7] Zie eventueel onze studie Heiligmaking van E. van den Worm. (noot AK)
[8] Zie eventueel onze studie De 5 wijze en de 5 dwaze maagden en hun eigen lotsbestemmingen in de eindtijd van E. van den Worm. (noot AK)
[9] 1 Petrus 1:13, “Omgord daarom de lendenen van uw verstand, wees nuchter en hoop volkomen op de genade die u gebracht wordt in de openbaring van Jezus Christus.”
[10] Zie noot 3.
[11] Zie noot 3.
.

Geplaatst in Bidden/Gebed, Bijbelstudie, Bruiloft vh Lam/Bruid/Bruidegom, Heiligmaking, Opwekking, Wederkomst van Christus | Tags: , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Gebroken dingen

gebroken wereld

In de Bijbel vinden we enige vreemde paradoxen. Eén ervan is, dat God een voorkeur heeft voor en gebruik maakt van gebroken dingen.

De regenboog die Hij in de lucht zette na de vloed [1] – als teken van Zijn verbond met de mens – is eenvoudigweg gebroken licht.

Door kruiken te breken veroorzaakten Gideon en zijn 300 mannen zo’n lichtverspreiding dat hun vijanden vluchtten. [2]

Hetzelfde principe is in het Nieuwe Testament werkzaam. Onze Heer voedde 5000 mannen (de vrouwen en de kinderen niet meegeteld), door brood en vis van een kleine jongen te breken en te zegenen. Zolang het brood in de handen van de jongen was, kon alleen hij ermee gevoed worden, maar in de handen van de Heer werd het meer dan genoeg voor een hele menigte. [3]

Dan was er die vrouw die haar fles met kostelijke olie brak om onze Heer te zalven. Pas toen ze de fles brak, vervulde de geur ervan het gehele huis. Dit maakte dat de Heer deze vrouw prees. [4]

Maar het voortreffelijkste voorbeeld is dat van het gebroken lichaam van onze Heer op het kruis van Golgotha. Dit bracht ons verlossing.
Deze gekruisigde Heiland zoekt ook gekruisigde navolgers.
Hij zoekt géén zelfvoldane, trotse, onbuigzame, maar gebroken mannen en vrouwen, mensen die door de openbaring van een gekruisigde Verlosser verbroken zijn en door de Geest bekrachtigd om een gekruisigd leven te leiden.
Wilt u als gebroken brood en uitgestorte wijn zijn voor een stervende wereld?

S. Banks
Uit: ‘Spotlight’ (vertaald)

PDF (in smartphone-formaat)

**************************************************

[1] “En God zei tegen Noach en zijn zonen met hem: En Ik, zie, Ik maak Mijn verbond met u, met uw nageslacht na u, en met alle levende wezens die bij u zijn: de vogels, het vee en alle dieren van de aarde met u; van alles wat uit de ark is gegaan, tot alle dieren van de aarde toe. Ik maak Mijn verbond met u, dat niet meer alle vlees door het water van een vloed zal worden uitgeroeid, en dat er geen vloed meer zal zijn om de aarde te gronde te richten. En God zei: Dit is het teken van het verbond dat Ik geef tussen Mij en u, en alle levende wezens die bij u zijn, alle generaties door tot in eeuwigheid: Mijn boog heb Ik in de wolken gegeven; die zal dienen als teken van het verbond tussen Mij en de aarde. Het zal gebeuren, als Ik wolken boven de aarde breng en de boog in de wolken gezien wordt, dat Ik aan Mijn verbond zal denken, dat er is tussen Mij en u en alle levende wezens van alle vlees. Het water zal niet meer tot een vloed worden om alle vlees te gronde te richten. Als deze boog in de wolken is, zal Ik hem zien, en denken aan het eeuwig verbond tussen God en alle levende wezens van alle vlees dat op de aarde is. God zei dus tegen Noach: Dit is het teken van het verbond dat Ik gemaakt heb tussen Mij en alle vlees dat op de aarde is.” (Genesis 9:8-17, HSV). (noot AK)
[2] “En het gebeurde, toen Gideon het verhaal van de droom en zijn uitleg had gehoord, dat hij zich in aanbidding neerboog. Hij keerde terug naar het kamp van Israël en zei: Sta op, want de HEERE heeft het kamp van Midian in uw hand gegeven. Toen verdeelde hij de 300 man in 3 groepen en gaf iedereen een bazuin en lege kruiken in de hand, met fakkels binnen in de kruiken. En hij zei tegen hen: Kijk naar mij en doe net zo. En zie, als ik aan de rand van het kamp ben gekomen, dan moet het zó zijn dat u doet zoals ik doe. Als ik op de bazuin blaas, ik en allen die bij mij zijn, dan moet u ook op de bazuin blazen, rondom heel het kamp, en zeggen: Voor de HEERE en voor Gideon! Zo kwam Gideon met de 100 mannen die bij hem waren, bij de rand van het kamp. Het was aan het begin van de middelste nachtwake, net nadat zij de wacht weer hadden opgesteld. Toen bliezen zij op de bazuinen en sloegen de kruiken die in hun hand waren, in stukken. Zo bliezen de 3 groepen op de bazuinen en braken de kruiken. Met hun linkerhand hielden zij de fakkels vast en met hun rechterhand de bazuinen om daarop te blazen. En zij riepen: Het zwaard van de HEERE en van Gideon! En zij stonden rondom het kamp, ieder op zijn plaats. Toen ging heel het kamp op de loop. Ze schreeuwden het uit en vluchtten weg. Toen de 300 op de bazuinen bliezen, richtte de HEERE het zwaard van de een tegen de ander, en dat in heel het kamp. En het leger vluchtte…” (Richteren 7:15-22a). (noot AK)
[3] “Hier is een jongetje dat 5 gerstebroden en 2 visjes heeft, maar wat betekenen die voor zovelen? En Jezus zei: Laat de mensen gaan zitten. En er was veel gras op die plaats. Dus gingen de mannen zitten, ongeveer 5000 in getal. En Jezus nam de broden, en nadat Hij gedankt had, deelde Hij ze uit aan de discipelen, en de discipelen aan hen die daar zaten; op dezelfde manier werden ook de visjes uitgedeeld, zoveel zij wilden. En toen zij verzadigd waren, zei Hij tegen Zijn discipelen: Verzamel de overgebleven stukken, zodat er niets verloren gaat. Zij verzamelden ze nu en vulden 12 manden met stukken van de 5 gerstebroden die overgebleven waren bij hen die gegeten hadden. Toen de mensen dan het teken dat Jezus gedaan had, gezien hadden, zeiden zij: Híj is werkelijk de Profeet, Die in de wereld komen zou.” (Johannes 6:9-14). (noot AK)
[4] “En toen Hij in Bethanië was, in het huis van Simon de melaatse, kwam er, toen Hij aanlag, een vrouw met een albasten fles met zuivere, kostbare narduszalf en nadat zij de albasten fles gebroken had, goot zij hem uit op Zijn hoofd. En er waren er sommigen die verontwaardigd waren bij zichzelf en zeiden: Waartoe diende deze verkwisting van de zalf? Want die had voor meer dan 300 penningen verkocht en aan de armen gegeven kunnen worden; en zij vielen scherp tegen haar uit. Maar Jezus zei: Laat haar met rust. Waarom valt u haar lastig? Zij heeft een goed werk aan Mij verricht. Want de armen hebt u altijd bij u en wanneer u wilt, kunt u hun weldoen, maar Mij hebt u niet altijd. Zij heeft gedaan wat zij kon; zij heeft van tevoren Mijn lichaam gezalfd voor de begrafenis. Voorwaar, Ik zeg u: Overal waar dit Evangelie gepredikt zal worden in heel de wereld, zal ook tot haar gedachtenis gesproken worden over wat zij gedaan heeft. (Markus 14:3-9). (noot AK)
.
Geplaatst in Woord en Geest | Tags: | Een reactie plaatsen

De Vinger Gods

Goddelijke gerichten

“De Vinger Gods” is de Geest van God werkzaam in kracht. De vingers zijn de leden van het lichaam die hoofdzakelijk gebruikt worden voor het aanraken van voorwerpen. “De Vinger Gods” is de Heilige Geest in Zijn aanraking van persoon of dingen en in de openbaring van Zijn kracht in en door dezelve. Het is de Heilige Geest in manifestatie.
De Vinger Gods” zien wij werkzaam bij:

  1. De Schepping

“Als ik Uw hemel zie, het werk van Uw Vingers, de maan en de sterren, die U hun plaats gegeven hebt.” (Psalm 8:4) [1]
De Heilige Geest had een actief aandeel in de schepping van alle dingen. Zo blijkt ook uit Genesis 1 vers 2: “…en de Geest van God zweefde boven het water.”

  1. De Wetgeving

“En toen de HEERE geëindigd had met hem te spreken op de berg Sinaï, gaf Hij Mozes de twee tafelen van de getuigenis, tafelen van steen, beschreven met de Vinger van God.” (Exodus 31:18)
Hetzelfde staat vermeld in Deuteronomium 9 vers 10a:
“En de HEERE gaf mij de twee stenen tafelen, beschreven door de Vinger van God; daarop stonden alle woorden die de HEERE met u gesproken had op de berg…”
God schreef – door de kracht van Zijn Heilige Geest – de Tien Geboden op de stenen tafelen. Het doel van de Wet was de buitengewone zondigheid van het menselijk hart aan te tonen: “De wet echter kwam er nog bij opdat de overtreding zou toenemen, maar waar de zonde is toegenomen, daar is de genade meer dan overvloedig geweest.” (Romeinen 5:20)
In deze (tijds)Bedeling van Genade, waarin wij nu (nog) leven, wordt het Woord van God niet op stenen tafelen, maar “op tafelen van vlees, in het hart” ingeschreven, opnieuw door de Geest van God:
“Het is immers openbaar geworden dat u een brief van Christus bent, door onze bediening opgesteld, geschreven niet met inkt, maar door de Geest van de levende God, niet op stenen tafelen, maar op tafelen van vlees, van de harten.” (2 Korinthe 3:3)
“Want de wet van de Geest van het leven in Christus Jezus heeft mij vrijgemaakt van de wet van de zonde en van de dood. Want wat voor de wet onmogelijk was, krachteloos als zij was door het vlees, dat heeft God gedaan: Hij heeft Zijn eigen Zoon gezonden in een gedaante gelijk aan het zondige vlees en dat omwille van de zonde, en de zonde veroordeeld in het vlees, opdat de rechtvaardige eis van de wet vervuld zou worden in ons, die niet naar het vlees wandelen, maar naar de Geest.” (Romeinen 8:2-4)

  1. De overtuiging van zonden

“En dit zeiden zij om Hem te verzoeken, opdat zij iets hadden om Hem aan te klagen. Maar Jezus bukte en schreef met de Vinger in de aarde. En toen zij Hem dit bleven vragen, richtte Hij Zich op en zei tegen hen: Wie van u zonder zonde is, laat die als eerste de steen op haar werpen. En opnieuw bukte Hij en schreef in de aarde.” (Johannes 8:6-8)
Toen de Schriftgeleerden en Farizeeën de vrouw, in overspel gegrepen, tot Jezus brachten, zeiden zij: “In de wet nu heeft Mozes ons geboden zulke vrouwen te stenigen; U dan, wat zegt U”? (Johannes 8:5). Daarop bukte onze Heer terneer en schreef met Zijn Vinger in de aarde. Zij bleven echter op Hem aandringen en daarom richtte Hij Zichzelf op en zei tot hen: “Wie van u zonder zonde is, laat die als eerste de steen op haar werpen” en opnieuw bukte Hij neder en schreef in de aarde. Het gevolg was, dat zij allen overtuigd werden van hun zonden, maar alleen de vrouw vond vergeving en bevrijding.

  1. De uitdrijving van demonen

“Maar als Ik door de Vinger van God de demonen uitdrijf, dan is het Koninkrijk van God bij u gekomen.” (Lukas 11:20)
Jezus verklaarde dat Zijn bediening van bevrijding van zieken, van terneergeslagen en door demonen bezeten (gebonden) mensen tot stand gebracht werd door de Vinger Gods. Hiermee bedoelde Hij dat Hij dit deed door de Geest van God, want in de weergave van Mattheüs zei Hij: “Maar als Ik door de Geest van God de demonen uitdrijf, dan is het Koninkrijk van God bij u gekomen.” (Mattheüs 12:28)
Zie ook Handelingen 10 vers 38: “Hoe God Jezus van Nazareth gezalfd heeft met de Heilige Geest en met kracht en hoe Hij het land doorgegaan is, terwijl Hij goeddeed en allen die door de duivel overweldigd waren, genas, want God was met Hem.”
Vandaag de dag verlangt de Heer Zijn bediening van bevrijding te volbrengen door Zijn Gemeente:
“En Hij zei tegen hen: Ga heen in heel de wereld, predik het Evangelie aan alle schepselen. Wie geloofd zal hebben en gedoopt zal zijn, zal zalig worden, maar wie niet geloofd zal hebben, zal verdoemd worden. En hen die geloofd zullen hebben, zullen deze tekenen volgen: in Mijn Naam zullen zij demonen uitdrijven; in vreemde talen zullen zij spreken; slangen zullen zij oppakken; en als zij iets dodelijks zullen drinken, zal het hen beslist niet schaden; op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen gezond worden. De Heere dan is, nadat Hij tot hen gesproken had, opgenomen in de hemel en heeft Zich gezet aan de rechterhand van God, maar zij gingen overal heen om te prediken, en de Heere werkte mee en bevestigde het Woord door de tekenen die erop volgden. Amen.” (Markus 16:15-20)
“De Vinger Gods” wordt in deze laatste dagen – in (en door) Zijn gelovende Gemeente/Kerk – geopenbaard door de kracht van de Heilige Geest. Let op het verschil tussen “de Vinger Gods” – zoals die geopenbaard werd door de Here Jezus in redding en genezing – en de vinger van de Farizeeër die niet in het minst behulpzaam was, maar zwaar en drukkend en ook krachteloos. Vergelijk hiervoor Lukas 11 vers 46 en Mattheüs 23 vers 4:
“Maar Hij zei: Wee ook u, wetgeleerden, want u legt de mensen lasten op die moeilijk zijn om te dragen, en zelf raakt u die lasten niet met één van uw vingers aan.”“Want zij binden lasten samen die zwaar zijn en moeilijk om te dragen, en zij leggen ze op de schouders van de mensen; maar zij willen die zelf met geen vinger verroeren.”

.

  • KLIK HIER als u deze GRATIS studie verder wilt lezen of downloaden
    (in smartpone-formaat).

W.W. Patterson
Enigszins bewerkt door A. Klein

*****************************************

[1] Alle Bijbelteksten zijn door mij vermeld in de Herziene Statenvertaling / HSV, tenzij anders vermeld. (noot AK)

.

Geplaatst in Bijbelstudie, de Heilige Geest, Geestesgaven, Gods Geest, Gods Geest/De Heilige Geest/Geestesgaven etc., Oordelen Gods | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Wonderlijke bedieningen

103_goddelijke_herstelwerk_gemeente_eindtijd

Wij gaan het grote feest van de NIEUWE Wijn tegemoet, de Spade Regen ([1] en [2]).
Thans leven wij in de tijd van droogte, van het ontbreken van de wijn des Geestes, welke tijd volgens Gods Woord vooraf moet gaan aan die machtige uitstorting van Gods Geest.
Die tijd van droogte en schaarste is een crisistijd volgens Joël 1 vers 1-20 [3]:

1 Het woord van de HEERE dat gekomen is tot Joël, de zoon van Pethuel. 2 Hoor dit, oudsten, neem dit ter ore, alle inwoners van het land! Is dit gebeurd in uw dagen of in de dagen van uw vaderen? 3 Vertel erover aan uw kinderen en laten uw kinderen erover aan hun kinderen vertellen en hun kinderen weer aan de volgende generatie. 4 Wat de jonge sprinkhaan overliet, at de veldsprinkhaan op; wat de veldsprinkhaan overliet, at de treksprinkhaan op; en wat de treksprinkhaan overliet, at de zwermsprinkhaan op. 5 Ontwaak, dronkaards, en ween. Weeklaag, alle wijndrinkers, over de jonge wijn, want die is van uw mond weggenomen. 6 Want een volk is tegen Mijn land opgetrokken, machtig en niet te tellen; zijn tanden zijn leeuwentanden, het heeft de hoektanden van een leeuwin. 7 Het heeft van Mijn wijnstok een woestenij gemaakt en Mijn vijgenboom tot een kale tak. Het heeft hem volledig afgeschild en weggeworpen, zijn ranken zijn wit geworden. 8 Weeklaag als een jonge vrouw, omgord met een rouwgewaad, die klaagt om de man van haar jeugd. 9 Graanoffer en plengoffer zijn weggenomen van het huis van de HEERE. De priesters treuren, de dienaren van de HEERE. 10 Het veld is verwoest, de grond treurt, want het koren is verwoest, de nieuwe wijn opgedroogd, de olie verkommerd. 11 Akkerbouwers staan beschaamd, wijnbouwers weeklagen over de tarwe en over de gerst, want de oogst op het veld is verloren. 12 De wijnstok is verdord en de vijgenboom is verwelkt, de granaatappelboom, ook de palmboom en de appelboom, alle bomen van het veld zijn verdord. Ja, de vreugde is verdord, geweken van de mensenkinderen. 13 Omgord u en bedrijf rouw, priesters, weeklaag, dienaren van het altaar. Kom, overnacht in rouwgewaden, dienaren van mijn God, want graanoffer en plengoffer zijn aan het huis van uw God onthouden. 14 Kondig een vastentijd af, roep een bijzondere samenkomst bijeen, verzamel de oudsten en alle inwoners van het land in het huis van de HEERE, uw God, en roep tot de HEERE. 15 Ach, die dag! Ja, de dag van de HEERE is nabij, en hij zal komen als een verwoesting van de Almachtige. 16 Is niet voor onze ogen het voedsel weggenomen, uit het huis van onze God blijdschap en vreugde? 17 De zaadkorrels zijn verschrompeld onder hun aardkluiten, de voorraadschuren verwoest, de graanschuren afgebroken, want het koren is verdord. 18 Hoe kreunt het vee! De kudden rundvee zijn in verwarring, want ze hebben geen weide. Zelfs kudden kleinvee moeten boeten. 19 Tot U, HEERE, roep ik, want een vuur heeft verteerd de weiden van de woestijn, en een vlam heeft verzengd alle bomen van het veld. 20 Zelfs de dieren van het veld schreeuwen naar U, want de waterstromen zijn uitgedroogd. Een vuur heeft de weiden van de woestijn verteerd.” [4]

Zo was het ook voor de knechten op het bruiloftsfeest te Kana een crisis-uur toen de wijn ontbrak. Maar zij kregen een waardevol advies van Jezus’ moeder:

  • “Wat Hij (= Jezus) ook tegen u zal zeggen, doe het.” (Johannes 2:5)

Dit advies is even waardevol voor ons nu.
Absolute gehoorzaamheid werd van hen gevraagd, maar ook een zekere geestelijke soepelheid. Zij moesten niet verbaasd zijn een vreemde opdracht te ontvangen.
Zo geldt dit ook nu, voor ons. Wonderlijke dingen staan te gebeuren. Wonderlijke bedieningen kunnen wij verwachten en de meest vreemdsoortige opdrachten.
Hebben wij onze geest zo geoefend, dat wij gereed zijn voor deze dingen?
“Wat Hij ook tegen u zal zeggen…”
Gevraagd wordt niet wat wij ervan vinden, maar of wij de Geest onbeperkt laten werken in ons leven!

H. Siliakus
Enigszins bewerkt door A. Klein

PDF (in smartphone-formaat)

***************************************************

[1] De Spade (of Late) Regen = Het beeld van de uitstorting van de Heilige Geest in de eindtijd – zie Joël 2:23b en 28-29.
Zie eventueel onze studie De uiteindelijke, Goddelijke HEERLIJKHEID vd ware Gemeente/Kerk vd Here Jezus Christus in de eindtijd, die is GROTER dan die vd eerste Gemeente / Kerkvan E. van den Worm. (noot AK)
[2] Zie ook onze studie De Spade Regen OPWEKKING van H. Siliakus en/of De Spade Regen Opwekking KOMT van E. van den Worm. (noot AK)
[3] Zie eventueel onze studie Joëls boodschap voor de kerk van de eindtijd van E. van den Worm en/of Crises van de eindtijd (Goddelijke gerichten vanaf de tijd van de grote afval, volgens de beschrijving van het boek -en de profeet- Joël) van H. Siliakus. (noot AK)
[4] Alle Bijbelteksten zijn door mij vermeld in de Herziene Statenvertaling / HSV, tenzij anders vermeld. (noot AK)
.
Geplaatst in de Heilige Geest, Eindtijdstudie, Gods Geest/De Heilige Geest/Geestesgaven etc., Opwekking, Studie van H Siliakus | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen